Stichting Waterplant

D'n Bart Waterplanten

10 Stappenplan voor succesvol maaien

Terug naar succesvol sloten

Stichting Waterplant heeft 10 adviezen op een rij gezet om te komen tot succesvol sloten. De tips ondersteunen in het brengen van vitaliteit en biodiversiteit in het water. Tevens geeft het een vernieuwde kijk op het omgaan met exoten.

Toelichting op de 10 punten

1. Amfibie- en vispaarseizoen (half februari – eind juni)
Half februari met redelijk weer beginnen bruine kikkers en padden al met paren en eieren leggen. De groene kikker daar in tegen begint vaak pas in begin mei met het leggen van dril. De pasgeborene hebben tot eind juni de ruimte nodig om te kunnen wegspringen.

2. Geen onderwaterplanten maaien
Onderwaterplanten zorgen voor een vaste bodem en bewegen met het water mee. Onderwaterplanten verwijderen is zeer schadelijk. Als voorbeeld kunnen we kijken naar de bomen die op een berg groeien. Als we deze bomen kappen, dan ontstaan er waterstromen; erosie. Zo werkt het ook in de sloot. Bij het maaien van onderwaterplanten komt de bodem los en ontstaan er modderstromen waar elke levensvorm in verdwijnt. Universiteit Leiden heeft hier specifiek onderzoek naar gedaan, dat laat zien dat een lege sloot vol modder was eerst 20cm
diep. Na het plaatsen van Krabbenscheer (Stratoïdus Aloïdus) werd de sloot 80cm diep. Het plaatsen van, in dit geval Krabbenscheer, maakte de sloot dieper en het water helder tot op de bodem. Het trok verschillende levenssoorten aan waardoor de biodiversiteit op gang kwam.

3. Onderhoud van bodems en modder
De bodem van de sloot kent een constante temperatuur van 4° C. Dit maakt het voor kikkers, vissen en planten aantrekkelijk om daar te zijn op het moment dat het in de bovenlaag heel warm of heel koud is. Op het moment dat men er voor kiest om de planten op de boden te verwijderen (schrapen), worden ook de dieren verwijderd. De aanzet tot het ontwikkelen van biodiversiteit is niet meer aanwezig. Er ontstaat losse levenloze modder.

4. Duikers en doorgangen vrij houden
Duikers en doorgangen zijn geen natuurlijke afscheidingen. Om deze vernauwingen te laten doorstromen is het goed om deze plekken vrij te houden van plantenopeenhoping. Als er machinaal te veel weggehaald wordt is er ook kans op modderstromen. Waterplanten houden grond namelijk grond vast. Dus een minimale groei is nodig om een goede balans tussen overgroei en kaalslag te behouden.

5. Maaien van oppervlaktewater
Op de bovenste waterlaag zijn vaak planten te vinden die zorgen voor een verdichting van het wateroppervlak. Denk hierbij bijvoorbeeld aan Waterkroos (Lemna) of Waterpest (Elodea). Door een overgroei van deze planten krijgen de onderwaterplanten minder daglicht, waardoor ze afsterven. Door het weghalen van de bovenste 50 à 75 cm krijgen de onderwaterplanten weer meer ruimte om uit te groeien. Door niet dieper te maaien wordt de habitat van de onderwaterfauna veilig gesteld.

6. Selectief maaien bij hoge waterstand
In principe zorgen planten zelf voor een goede doorstroom van het water. Een enkele keer kan het voorkomen dat de sloot of meertje te vol raakt. In dat geval is het goed om planten uit de sloot te verwijderen op handmatige wijze. Op deze manier kan je goed zien welke planten te veel zijn en kan je de overige watervegetatie in tact laten om verder uit te bloeien.

7. Kroos verwijderen als het water verstikt
Kroos (Lemna, Azola) groeien op het wateroppervlakte. Als zij stevig doorgroeien hebben zij de neiging om het wateroppervlakte helemaal af te sluiten. Hierdoor kan er geen zonlicht meer op de bodem komen en belemmeren zij de groei van de onderwaterplanten. Alles wat onder deze planten wil leven, zowel fora als fauna, sterft af.

8. Niet elke exoot hoeft dood
In Nederland is het beleid om exotische onderwaterplanten te verwijderen, omdat men van mening is dat het de biodiversiteit laat verdwijnen. Echter uit onderzoek zijn een paar feiten bewezen.
– Daar waar exoten in overvloed leven, is het moeilijk deze volledig te verwijderen. We leven in afstroomgebied van Europa. Als exoten worden verwijderd, komen ze altijd terug via de watervogels en rivieren terug. De West-Europese plant loopt terug in de winter en de exoot niet. Juist het verwijderen van alle waterplanten maakt dat de exoten extra hard kunnen groeien.
– In plaats van volledige verwijdering van exoten, kan men beter krachtige West-Europese onderwaterplanten ertussen plaatsen zodat de voeding voor exoten weggehaald wordt.
– Rond de stad Den Bosch zaten veel zware metalen in het water. De plant Grote Waternavel (Hydrocotyle Ranunculoides) die we erkennen als invasieve exoot, heeft deze wateren totaal gezuiverd. Hierdoor is het water rond de stad gezonder geworden.
– We hebben jarenlang een experiment gedaan met een zwemvijver waarin we een levende groeimat hadden geplaatst met Naaldkruid (Crasula Helmsi). Door allemaal waterplanten er tussen te plaatsen verdween de Naaldkruid, omdat de West-Europe planten de plaats innam van de exoot. Waterplanten die geplaats werden waren onder andere Egelskop (Spaganum Erectum), Vedekruid (Myriophyllum Spicatum) en Gele Plomp (Nuphar Luteum).
– In de Tilburgse haven was altijd een donkere modderboel. Nu groeit daar al jaren de exoot Ongelijkbladig Vederkruid (Myriophyllum Heterophyllum). Door deze exoot zijn de snoeken en karpers op 5 meter diepte zichtbaar. Hier is te zien dat ook een exoot voor goed helder water en biodiversiteit zorgt. Men investeert veel geld om deze exoot te bestrijden. Het levert weinig op, omdat hij steeds weer terug groeit. Een betere optie zou ook hier zijn, om een West-Europese plant ertussen te plaatsen zodat deze de ruimte inneemt. Om gezond water te krijgen zien we liever een exoot dan een dode sloot.

9. Van sloot naar sloot
De leegstand in de sloten is afgelopen jaren sterk vergroot door voornamelijk het machinaal maaien. Als er voor gekozen wordt om een deel van de onderwaterplanten uit een waterweg de verwijderen, is het zeer wenselijk om ze naar een andere lege sloot te verplaatsen. Zo krijgt deze lege sloot ook weer nieuw leven. We verhuizen de planten van sloot naar sloot, i.p.v. naar de composthoop. We hebben namelijk alle planten nodig om het water in Nederland weer gezond te krijgen.

10. Uitzetten van onderwaterplanten
Omdat heel Nederland langzaam een grote modderpoel wordt, is het belangrijk om onderwaterplanten te gaan kweken door agrariërs, waterschappen en natuur organisaties. Deze planten kunnen dan overal uitgezet worden. Een lege sloot maakt meer CO², methaangas en stikstof aan. Een volle sloot zet deze stoffen om en brengt de biodiversiteit terug. Als de waterlichamen van Nederland vol onderwaterplanten staan halen we de Kaderrichtlijn Water (KRW).